Pastorale boodschap van Mgr. Johannes van Charioupolis

Met bezorgdheid volgt het Aartsbisdom van Russisch-Orthodoxe Kerken in West-Europa, Exarchaat van het Oecumenisch Patriarchaat van Constantinopel, net als alle kerkelijke een-heden van het Westen, de ontwikkeling van de gespannen betrekkingen tussen de Orthodoxe Kerken, maar ze beleeft die ook op zeer bijzondere wijze in eigen schoot.

Inderdaad zien de parochies en gemeenschappen van het Aartsbisdom, geworteld als zij zijn in het geestelijke en culturele erfgoed van de Russische emigratie, zich geconfronteerd met talloze vragen van gelovigen, die samenhangen met de spanningen die onlangs aan de dag zijn getreden tussen het Patriarchaat Moskou en het Oecumenisch Patriarchaat, waartoe wij beho-ren. De eerste van de vragen waar onze priesters en leken mee geconfronteerd worden, die van de eucharistische gemeenschap, is zeker ook de ernstigste.

Het Patriarchaat Moskou heeft eenzijdig het besluit genomen de eucharistische gemeenschap met het Oecumenisch Patriarchaat te verbreken, en heeft deze beslissing alle gelovigen, pries-ters èn leken, opgelegd. Voor het Aartsbisdom, dat gewend is met het Patriarchaat Moskou te concelebreren, houdt deze breuk in de communie een groot lijden in. Eigenlijk heeft het Aartsbisdom praktisch op geen enkel moment in de geschiedenis een volledige breuk in de communie met het Patriarchaat Moskou gekend, zelfs niet in de donkerste tijden van de 20e eeuw, want zowel het Aartsbisdom als heel het Oecumenisch Patriarchaat van Constantinopel, en heel het Patriarchaat Moskou zijn altijd dezelfde geloofsbelijdenis blijven belijden. Juist deze geloofsbelijdenis is het criterium van hun orthodoxie, en tot op heden heeft geen van onze Kerken haar geloofsbelijdenis veranderd.

Door haar eenzijdig (en volgens ons buitensporig) karakter is de beslissing van de Heilige Synode van Moskou duidelijk niet van toepassing in de kerken van het Aartsbisdom. Onder de huidige omstandigheden worden onze priesters en diakenen niet uitgenodigd mee te cele-breren in de kerken die onder het Patriarchaat Moskou vallen, maar dat verbiedt hen niet daar op persoonlijke titel heen te gaan om zich op discrete wijze aan te sluiten bij het gebed van de hele Kerk. Daarentegen kan dit verbod volgens de orthodoxe ecclesiologie niet opgaan voor leken, d.w.z. voor gedoopte orthodoxe gelovigen die niet tot diaken, priester of bisschop zijn gewijd. Inderdaad behoort een leek uit West-Europa sacramenteel gezien tot het unieke alge-mene Lichaam van Christus, dus gelijktijdig tot alle jurisdicties, of het nu die van Constanti-nopel, Moskou of een andere is, die het Plérôma van de Kerk vormt.

De gedoopten zijn niet het eigendom van hun bisschoppen en geestelijke vaders, zij zijn leden van het Lichaam, dat de Kerk is die op de plek waar zij zich op een gegeven moment bevin-den, de Liturgie viert. Bijvoorbeeld, als een gelovige die in Sint-Petersburg woont naar het eiland Kreta verhuist, houdt hij op lid te zijn van de Kerk van Rusland en wordt volledig lid van de Kerk van Kreta (die onder het Oecumenisch Patriarchaat valt). In tegenstelling tot een lid van de geestelijkheid hoeft een leek bij verhuizing geen canoniek ontslag te vragen aan zijn bisschop.

Het feit dat in de westerse landen verscheidene episcopale orthodoxe jurisdicties op eenzelfde gebied samenleven, heeft tot gevolg dat op sacramenteel plan onze gelovigen in beginsel ge-lijktijdig lid zijn van alle kerkelijke eenheden die hetzelfde geloof belijden. Op bestuurlijk niveau kunnen gelovigen specifieke taken op zich nemen in de een of andere parochie, maar dat laat onverlet dat zij behoren tot het hele kerkelijk lichaam. Het samen voorkomen van vele jurisdicties op hetzelfde gebied, dat van de andere kant vaak wordt afgekraakt, dient in de huidige omstandigheden als een factor van sacramentele eenheid.

Wij moeten Gods genade, die in al onze kerken tegenwoordig is en handelt, niet beledigen, zelfs niet wanneer zij conflicten meemaken, zolang die de orthodoxie van het geloof niet ver-anderen. Integendeel, men moet de Heilige Geest laten handelen, in het bijzonder door het deelnemen aan de Eucharistie, waartoe wij zijn uitgenodigd. Wij betuigen de leden van de geestelijkheid van het Patriarchaat Moskou onze broederlijke liefde en hopen dat wij zo snel als mogelijk weer met hen samen kunnen dienen. Wat de leken aangaat herhalen we dat zij een gemeenschap vormen in geloof en liefde, en wij verwachten rond het Lichaam en Bloed van onze Heer Jezus Christus iedere orthodoxe leek die wil ingaan op deze uitnodiging van de Heer: “Neemt en eet, dit is Mijn Lichaam, gebroken voor u tot vergeving van zonden. Drinkt allen hiervan, dit is Mijn Bloed, van het Nieuwe Verbond, vergoten voor u en voor velen ter vergeving van zonden.”

+ Aartsbisschop Johannes van Charioupolis, Patriarchaal Exarch van de orthodoxe parochies van Russische traditie in West-Europa

Parijs, 23 november 2018

Retour haut de page
SPIP